Wat als… je in je hoofd een heel project hebt zitten, met stof en een beeld hoe het resultaat zal zijn. Bij elke stap in je maakproces worden die verwachtingen minder ingevuld. Je blijft denken: “dat lossen we wel op”, “dat zal wel meevallen als het af is”. En je blijft hopen dat je eindresultaat meer zal zijn dan de optelsom van al die kleine teleurstellingen.
Het bloesje Mimi uit Love at First stitch leek me een leuk project en ik had een vrolijk donkerblauw stofje met witte stippen.
Maar bij mijn creatieproces ging enkel van kwaad naar erger. Ik maakte fouten bij het overtekenen van het patroon, en begon meer en meer te twijfelen aan de stof. Waarom had ik geen viscose gekozen, dat veel mooier valt voor zo’n bloesje? Verder lukte het rimpelen van het rugpand niet goed, de leuke details aan de mouwen vielen niet op door de print. Het bloesje trok aan de schouders en was te wijd onderaan.
Maar het allerergste: het klopte niet.

Normaal als je een kledingstuk maakt, ben je blij, verwachtingsvol, als je het nog-niet-afgewerkte stuk over je lijf gooit om te kijken of ie past. Maar hier voelde ik enkel maar teleurstelling telkens ik het aantrok. Een stemmetje in me somde de hele tijd alle dingen op die niet goed zaten. “Stop er maar mee, dit wordt niets”, echode de hele tijd in mijn kopje.
Maar ik deed koppig verder, hopend op een mooie finale. Totdat ik aan de knoopsgaten zat van mijn Mimi bloes. Ik heb ze plichtsgetrouw gemaakt, meer als oefening (mijn eerste knoopsgat!!). Toen ik het dan nog eens aantrok, was ik zeker: dit werd inderdaad niets…
Dus voila, ik zit hier met een 90% afgewerkt bloesje en dikke frustraties. Rationeel zie ik dit als een goede oefening (ik kan een knoopsgat maken!) en een leermoment, maar wat jammer van de stof en de tijd.
En binnenin vloek ik serieus en zie ik dit als een dikke afknapper en een mislukking.
Natuurlijk moet ik gewoon doorgaan, een ander projectje zoeken en me daar mee amuseren. Maar het blijft zeuren…. alsof je net hard in een naald hebt gegrepen… dat blijft ook zo lang nazinderen. Maar ook dat vervelende gevoel verdwijnt uiteindelijk…
Tot schrijfs,
Margot




Dan zijn de workshops van
zijn Katrien en haar dames steeds in de buurt om je met raad en daad bij te staan, zonder belerend over je schouder te loeren. Ze adviseren je over patroon en stoffenkeuze, en helpen je de juiste technieken uit te voeren. Je knipt en naait aan je eigen tempo, en onder het genot van een drankje en een gezellige babbel tover je heel wat moois vanonder je machine. Er wordt wat afgelachen op die avonden, en ik leerde er



Maar dan, wat doe ik ermee? Heel de mouw eraf halen, zag ik niet zitten. Dus ofwel moest ik nog drastisch afvallen ofwel zette ik er een stuk tussen. Het laatste dan maar… Door een beetje spaarzaam mijn tricots te knippen had ik van beiden nog een mooie rechthoek over, dus kon ik makkelijk twee stroken van 5 cm knippen. Ik dacht er even aan om een zwarte strook bovenaan te plaatsen, maar dan moest ik nog meer losmaken. Niet dus!















Ik stikte eerst mijn tunneltje voor de rijgveter en naaide daarna de naden aan elkaar. De uiteinden van het tunneltje had ik eerst nog dubbel kunnen stikken zodat de uiteinden niet zouden rafelen. Ik weet niet of ik gewoon lui was of met mijn hoofd er niet bij maar soit, ik heb dat dus niet gedaan. Maar omdat je die rijgveters feitelijk nooit losmaakt, is het zelfs niet nodig.
Voila, een leuke set gewichtjes, om stylish om je papieren tegen te houden en geen gezeul meer met conservenblikken. Nu nog hopen dat die vriendin er tevreden mee is…

