Misschien valt het niet zo op als je mijn tekstjes leest, maar ik ben eigenlijk wat je noemt een ‘luie naaister’. Het voorbereidingswerk neemt de meeste tijd in beslag, maar is net het deel dat ik verafschuw. Ik heb namelijk niet zo veel geduld. Bij mij moet het vooruit gaan!
Mijn vriendin Veerle, een ervaren naaister, zweert bij driegen. Ik kies bijna altijd voor spelden, en dan gebruik ik er zo weinig mogelijk. Menige ervaring met het decovitje heeft er echter toch voor gezorgd dat ik voor mijn jumpsuit de naald ter hand nam.
En, oh wonder, ik ontdekte de voordelen van een degelijke voorbereiding!
Driegen of rijgen gebruik je om stofdelen aan elkaar vast te maken, zodat ze niet verschuiven tijdens het stikken. Vooral bij soepele stoffen, zoals dunne tricot of viscose, kan dat wel eens mis gaan. Ten tweede is driegen ook heel handig vlak voor de eerste pas. Als je panden aan elkaar gestikt zijn, wordt het een heel werk om de maten nog aan te passen. Je driegdraad trek je er makkelijk uit. Ten derde kan je een gedriegde stof makkelijker plooien en strijken. Vierde voordeel: je hoeft niet te stoppen met stikken om de naalden uit je stof te halen. Eigenlijk win je dus tijd!
Een paar tips:
- Gebruik een iets dikkere draad in een contrasterende kleur, zodat je hem na het stikken makkelijk kan verwijderen.

- Maak grote, losse steken. Trek de draad niet aan, want dan gaat je stof rimpelen of kreuken. Het kan ook makkelijk met de machine. Ik selecteer een grote, rechte steek, maar hecht niet aan begin en einde.
- Stik net naast je rijgdraad, en niet op dezelfde lijn. Zo stik je de draad niet vast, en kan je hem nadien, jawel, makkelijk weghalen.

Heb je iets aan deze tips? Veel succes met het driegen!
Lieve



Een maand geleden deden Lieve en ik mee aan een blogmeet annex sew challenge (lees: Lieve schreef ons in en ik ging mee). Ik had nog nooit van het ene noch het andere gehoord, dus weeral een nieuwe uitdaging. De blogmeet bleek een leuke ontmoeting met andere dames die over naaien blogden. We zaten daar maar liefst met vijfentwintig dames gezellig te tateren. Nooit gedacht dat er zoveel naaiblogs waren, ik moet dringend bijlezen…
Nu nog die moeilijke techniek… ik ging enerzijds voor een blinde rits (niet echt moeilijk, gewoon rottig) en anderzijds een gedurfde print: een dikke katoen met geometrisch dessin, zodat het puzzelen werd om alle lijnen mooi te laten doorlopen.
De rits er inzetten bleek weer moeilijker. Blinde ritsen zijn nooit mijn vrienden geweest; ik slaag er nog steeds niet in die in één keer goed te stikken. Nu moest ik niet alleen zorgen dat die rits goed zat, maar ook dat de print van beide rugpanden mooi doorliep. Stress…
De voering was wat moeilijker af te werken aan de armen, waarschijnlijk omdat ik verkeerd begonnen was. Maar nu ben ik helemaal op de hoogte hoe het moet, én hoe je het kunt oplossen.

Elegant en toch een beetje stoer, met een wijdvallende top en een broek die onderaan mooi aan het been aansluit. Ik zag het al helemaal voor mij: gecombineerd met een glittertopje en met zilveren sandaaltjes eronder, zag ik mij deze zomer al furore maken op talloze tuinfeestjes of zelfs op een trouwfeest. Eerder casual zou ik hem dan combineren met een mooi paar sneakers en een sportief topje. Ik koos voor een soepele blauwe viscose, eveneens uit Veritas, en ging vol enthousiasme aan de slag.







Moderne machines maken eerst hun steek af en stikken automatisch x steken naar achter. Niet ons Marie. Ik vind die simpele mechaniek super. Het doet precies wat ik vraag en niets meer. Lekker simpel. Misschien toch een militair kantje?
Toch ben ik erg tevreden met mijn naaimaatje. Het boventransport helpt mij de laagjes stof beter te bedwingen dus dat vind ik wel makkelijk. Je kan het ook afzetten. Verder heb alle basissteken (recht, stretch, zigzag, overlock, knoopsgat, tweelingnaad). Die laatste opties vind ik een must voor elke naaimachine (hoewel mijn eerste knoopsgat nog gemaakt moet worden -shame on me!).

n of nooit met katoen of linnen werk. Dat moet je namelijk na het wassen weer mooi in vorm strijken. In de praktijk eindigt het kledingstuk vaak op de strijkstapel, om pas weer boven te komen als ik eens veel tijd en goesting heb om de onoverzichtelijke hoop strijk weg te werken.







